woensdag 6 juli 2011

Compositieregel - De Diagonaal Methode

Binnen de fotografie zijn er een aantal regels met betrekking tot compositie die we regelmatig horen. Zo hebben we allemaal wel eens gehoord van de "Regel van Derden", "De Gulden Snede", "Invoerende Diagonalen" et cetera.
Een compositie regel die bij velen niet zo bekend is, maar toch van groot belang kan zijn is "De Diagonaal Methode", niet te verwarren met de regel van Invoerende Diagonalen.

De Diagonaal Methode is ontdekt door Edwin Westhoff. Op zijn website www.diagonaalmethode.nl kun je zeer uitgebreid lezen hoe hij tijdens zijn onderzoek deze compositie methode heeft ontdekt. Ook zijn er talloze voorbeelden te zien binnen de reclamewereld, fotografie maar ook bijvoorbeeld de schilderkunst waar deze compositie methode bewust of onbewust is toegepast.


De technische kant van deze methode is vrij simpel uit te leggen: vanuit elke hoek van een rechthoekig of vierkant tweedimensionaal werkstuk (zoals een foto of een schilderij) kunnen we de bissectrice of deellijn tekenen. Dit is de lijn die de hoek van 90 graden verdeelt in twee gelijke delen van 45 graden. Deze lijnen zijn tegelijkertijd de meetkundige diagonalen (vandaar de naam "Diagonaal Methode") van de twee vierkanten die elkaar overlappen in een rechthoek.

Uit het onderzoek bleek dat kunstenaars en fotografen details die zij belangrijk vonden/vinden, zoals ogen, op deze Diagonalen plaatsten, met een afwijking van max. 1 รก 1,5 mm op A4 formaat.

Kunstenaars, maar ook bekijkers van kunstwerken, volgen blijkbaar deze bissectrices of Diagonalen, zodat details op deze posities, onmiddellijk opvallen.

Bij de Diagonaal Methode gaat het dus om het plaatsen op de lijnen van details, die om wat voor reden dan ook belangrijk zijn in een opname. Deze methode is dus ook een subjectieve methode.

De Diagonaal Methode is goed toepasbaar binnen de fotografie aangezien het kleinbeeld formaat een verhouding heeft van 2:3. Binnen deze rechthoek kun je twee vierkanten tekenen die elkaar overlappen (zie bovenstaande figuur).

Edwin ontdekte dat kunstenaars zoals Rembrandt en beroemde fotografen, maar ook amateurfotografen, vaak details op de diagonalen plaatsten van deze overlappende vierkanten.


Elke positie op de Diagonalen is mogelijk om details op te plaatsen. In deze figuur zien we dergelijke mogelijke posities, aangegeven door de kleine cirkels op de Diagonalen.



De Diagonaal Methode begint langzaam maar zeker een steeds belangrijkere rol in te nemen bij de compositie van een beeld binnen de fotografie. Inmiddels is in Lightroom standaard een overlay bij het "croptool" ingebouwd om bij het maken van een uitsnede van een opname rekening te kunnen houden met deze Diagonaal Methode.

Wil je meer weten over de Diagonaal Methode bezoek dan zeker de website van Edwin Westhoff, hier vindt je uitgebreide informatie en voorbeelden.
www.dediagonaalmethode.nl

Bekijk je foto's nog eens kritisch met de Diagonaal Methode in je achterhoofd (of gebruik de overlay in Lightroom). Misschien pas je deze methode al onbewust toe, of misschien zie je dan mogelijkheden om door deze methode je foto's nog krachtiger te maken.

OK, dat was het weer voor deze keer.

See you next time.

zondag 3 juli 2011

Het Dynamisch Bereik

Wanneer je begint met fotografie zul je al heel snel ervaren dat het eindresultaat, de foto op je beeldscherm of de afdruk, er heel anders uitziet dan zoals jij de situatie hebt gezien toen je de foto maakte. Bij een opname van je vriendin met tegenlicht heb je plotseling een silhouet terwijl jij toch echt wel details zag. Het zonovergoten landschap met een mooie lucht verandert in een landschap met een witte bovenkant. Kortom, als fotograaf registreer je de omgeving waarin je bent heel anders dan de chip van je "dure" nieuwe camera.

Hiervoor zijn twee oorzaken te noemen
- De eerste reden is het feit dat je camera zijn uiterste best zal doen om de ideale belichting voor de scene te berekenen. Er wordt gekozen voor de combinatie van diafragma en sluitertijd (met een bepaalde ISO waarde als uitganspunt) voor de gegeven situatie. Het probleem hierbij is dat alle intelligentie die in je camera zit, ontwikkeld is met als uitgangspunt een gemiddelde situatie. Je vriendin met tegenlicht of het landschap met een felle lucht is echter geen gemiddelde situatie.

- De tweede reden voor het feit dat je foto er niet zo uiziet als je had verwacht is het feit dat jij als persoon de omgeving geheel anders waarneemt dan je camera. Daar waar jij een mooi landschap ziet met een enigszins bewolkte maar wel lichte lucht, ziet je camera een mooie lucht met een te donker landschap of een mooi landschap met een uitgevreten lucht.
De belichting corrigeren biedt hier geen oplossing aangezien dat altijd ten koste gaat van een ander deel van de opname.

Het probleem is hier dat het Dynamisch Bereik groter is dan het bereik dat de camera kan registreren. Eenvoudig gezegd is het dynamisch bereik de verhoudng tussen de donkerste en de lichtste tonen in de opname. Deze verhouding wordt uitgedrukt in EV (Exposure Value). Deze EV verwijst naar combinaties van diafragma en sluitertijd bij een gegeven ISO-waarde die een zelfde belichting opleveren. Andere termen die hierbij gebruikt worden zijn f-stop en contrastverhouding.

De ontwikkeling van digitale camera's heeft de laatste jaren gigantische sprongen gemaakt. Ook op het gebied van het dynamisch bereik is er een zeer grote verbetering bereikt. Echter vergeleken met de mogelijkheden van het menselijk oog is er nog een lange weg te gaan, maar er is hoop aangezien dit bovenaan de lijst staat van de ontwikkelaars van alle grote merken.
Wanneer wj als mens een scene waarnemen zien we deze met een dynamisch bereik van 10 tot 14 EV. Houden we dan ook nog rekening met het feit dat het menselijk oog instaat is zich aan verschillende helderheidsniveaus aan te passen, hebben we al snel een bereik van 24 EV. Digitale camera's daarentegen hebben een bereik, afhankelijk van merk/model, van 5 tot 9 EV (f-stops). Wanneer onze scene dus 9 of meer EV omvat is er geen enkele mogelijkheid om deze met onze camera zondermeer te registreren. We zullen moeten uitwijken naar alternatieven. Wil je de opname toch maken zonder een alternatief te overwegen zul je moeten kiezen voor een belichting op basis van de schaduwen of voor een belichting op basis van de hoge lichten. De ene gaat altijd ten koste van de ander.

Welke alternatieven hebben we ter beschikking?

Op de eerste plaats kunnen we kiezen om te wachten. Te wachten totdat de lichtomstamdigheden zijn gewijzigd zodat het dynamisch bereik binnen het bereik van de camera valt. Je kunt wachten of een andere keer terugkomen. Helaas is dit soms geen optie. Ingeval van het mooie landschap betekend dit wachten tot de verhouding van landschap (voorgrond) en lucht binnen het dynamisch bereik van je camera valt.

Een andere optie die je hebt is het gebruik van een zogenaamd Neutral Density (ND) filter met een verloop. Dit filter heeft een verloop van donker naar transparant zodat je delen van de scene donkerder kunt maken. Deze filters (o.a.Cokin) kunnen een scene met een waarde van 1-3 EV donkerder maken. Veelal worden ze toegepast bij landschapsfotografie aangezien hierbij vaak de lucht helderder is dan de voorgrond. Uiteraard zijn ze ook in andere vormen van fotografie toepasbaar, denk aan een model in het park met een heldere lucht. Het nadeel van het gebruik van dit flter is dat het verloop en de scheidng licht/donker vast ligt. Daarom is de toepassing bij landschapsfotografie voor de hand liggend aangezien de scheiding lucht/voorgrond ook redelijk strak vast ligt.

Als laatste alternatief kun je gebruik maken van HDR (High Dynamic Range) fotografie. HDR is een samenspel van opnametechniek en postprocessing met als resultaat een goede opname van een scene met een hoog dynamisch bereik. In het kort bestaat deze techniek uit het maken van een aantal opnames van de scene met verschillende belichtingen zodat het gehele dynamisch bereik van de scene correct wordt vastgelegd. In postprocessing met bijvoorbeeld Photoshop en/of Photomatrix worden deze verschillende opnamen samengevoegd tot een boeiende opname met daarin het gehele dynamisch bereik.
In een volgende blog zal ik verder ingaan op deze boeiende HDR techniek en de bijbehorende tools zoals Photomatrix.

Dit was het voor deze keer.

See you next time.

vrijdag 24 juni 2011

Bevestig je onderwerp.

Ongetwijfeld heb je ook wel eens bij een foto het gevoel gehad dat het onderwerp lijkt te zweven. Je mist iets in de opname dat het onderwerp verbindt met zijn omgeving.
Waarschijnlijk ben je vergeten om het onderwerp te verankeren met de omgeving. Verankeren, bevestigen, plaatsen, verbinden et cetera. Allemaal woorden die beschrijven dat er een verbinding bestaat tussen het onderwerp en zijn/haar omgeving.
Kortom er is geen connectie tussen het onderwerp en zijn/haar ledematen of bij een voorwerp ontbreekt de verbinding met de structuur waarop het voorwerp rust.

Dit is ook de rede waarom je wel eens hoort dat je een persoon nooit mag afkaderen (afsnijden) bij de enkels of in het geval van armen bij de pols. Wanneer je de grond ziet waarop de persoon staat heeft je onderwerp een basis om op te rusten.
Geef voorwerpen een plaats waarop ze staan.
Wanneer je een voorwerp fotografeert dat op een tafel staat, zoals een koffiekop, een fles bier of een servies zoals in dit voorbeeld, zorg er dan altijd voor dat je kunt zien waar het voorwerp de tafel raakt. Op een oppervlak met een structuur is dit meestal geen probleem. Wanneer je echter fotografeert op een strakke witte ondergrond bereik je dat meestal door een beetje schaduw van het onderwerp op de ondergrond. Zie als voorbeeld de foto's van het Oosters servies.
Zonder deze schaduw lijkt het servies te zweven in de lucht. Uitzondering hierop is wanneer er door de opdrachtgever expleciet gevraagt word dat het onderwerp geheel vrijstaand op een witte achtergrond moet worden gefotografeerd. Bij een opdracht is het van belang om duidelijk af te spreken of er wel of geen schaduw moet zijn aangezien hierover nogal eens een spraakverwarring bestaat.

De ledematen van je model
Ook bij modelfotografie heb je soms het gevoel dat er iets niet klopt. Vaak is er dan een uitsnede gemaakt waarbij het model wordt aangesneden op de scheenbenen of bij de enkels. Als fotograaf ben je dus vergeten om je model een "poot te geven om op te staan". Bij een afbeelding van een model wil ons onderbewustzijn vanaf een bepaald punt op de benen dat er een complete persoon staat. Onbewust zeggen je hersenen dat er meer moet zijn dan dat zichtbaar is en wordt het beeld als incompleet afgedaan. Dit punt ligt ergens rond kniehoogte.
Deze zelfde regel gaat ook op voor wat betreft de armen van je model. Wanneer je armen aansnijdt op 3/4 lengte of bij de pols zullen deze als incompleet worden beschouwd. Probeer dat dus ook te vermijden in je uiteindelijke compositie.
Probeer ledematen zoveel mogelijk als geheel af te beelden. Moeten ze toch worden aangesneden zorg dan voor een correcte plek om deze aan te snijden.

Let op de kerktoren
Ook bij voorwerpen en gebouwen gelden deze principes. Hoevaak zie je niet een foto van een bekend gebouw (bijvoorbeeld de Eifeltoren) of van een kerktoren waar het topje net niet opstaat. ook dan zullen je hersenen reageren met een afwijzing van het beeld.
Wees ook hierbij voorzichtig wanneer je besluit om de top van een gebouw, of de grond waarop het gebouw staat niet mee te nemen in je opname.
Ook bij gebouwen en voorwerpen kun je de 3/4 regel toepassen.
Wanneer je gebouw (of woorwerp) voor 3/4 of meer in beeld is, plaats het dan helemaal in beeld. Bij 3/4 of meer verwacht je onderbewustzijn namelijk een compleet beeld.

Goed, dat was de tip voor deze keer. Houdt deze informatie in je achterhoofd en gebruik de 3/4 regel bij het aansnijden van je onderwerp.

Ik hoop dat deze tip je weer kan helpen bij je fotografie, tot de volgende keer.

dinsdag 21 juni 2011

Foto's beoordelen

Het beoordelen of bespreken van foto's dient om de kwaliteit te verbeteren. Althans dat is het uitgangspunt bij het bespreken van foto's. Of je nu lid bent van een fotoclub, je foto's op Flickr plaatst of foto's hebt ingestuurd voor een wedstrijd, je krijgt te maken met het oordeel van anderen. Soms door een vakjury, soms door leden van de fotoclub waar je lid van bent of soms door een bespreker van een andere vereniging.
Een vakjury is ervaren en getraind in het bespreken cq. beoordelen van foto's. Vaak kijken zij naar de emotie van een foto of de verkoopbaarheid. Andere beoordelen foto's meer vanuit hun eigen emotie of beleving.

Met name de laatste categorie is een gevaarlijke vorm van foto's bespreken. Wanneer je foto's bespreekt of beoordeelt moet je als persoon een neutraal pad bewandelen van criteria die de kwaliteit van de foto weergeven.
Ben je landschapsfotograaf en heb je niets met portretfotografie zul je soms toch op een onderbouwde manier een mening moeten kunnen vormen en delen over een modelfoto van bijvoorbeeld een andere lid binnen je fotoclub zonder dat je vedwaald in subjectiviteit.

Maar ook bij het beoordelen van foto's van andere binnen je eigen vlak van fotografie kan het handig zijn om een structuur te hebben van objectieve criteria die je gebruikt voor een beoordeling. Na een beoordeling/bespreking op basis van deze objectieve criteria kun je als toevoeging nog jou eigen mening geven over wat het beeld voor jou betekent.

Wellicht dat de volgende structuur van criteria je kan helpen bij het bespreken of beoordelen van foto's van anderen (maar zeker ook die van jou zelf).
We kunnen hierbij drie groepen onderscheiden waarbij groep A verreweg de belangrijkste is en zou bij het eventueel toekennen van punten dan ook de meeste moeten kunnen opleveren. Wanneer je punten wilt (of moet) toekennen zou je bijvoorbeeld voor A maximaal 20 punten kunnen hanteren, voor B 10 en voor C 5.

Echter voor je begint met het toepassen van de onderstaande criteria bij het bespreken van een foto, spreek eerst voor jezelf (en de andere aanwezige) uit wat je ziet. Bijvoorbeeld: "ik zie een foto van een jonge vrouw in een sombere omgeving die verdrietig uit het raam kijkt". Eerst dan, als het duidelijk is waar je naar kijkt, kun je een begin maken met een bespreking of een beoordeling.

A. De inhoud of zeggingskracht
- De interpretatie van het onderwerp, de verbeelding
- Orginaliteit en creativiteit van de maker
- Spanning of dynamiek in de opname
- Het gekozen moment, de emotie of de geladenheid van het beeld
- De plaatsing van het onderwerp (compositie en balans van de opname)

B. De techniek
- Het gekozen standpunt en perspectief
- De selectie van het gebruikte brandpunt (inkadering)
- Het kleurgebruik (verzadiging, zwart/wit, monochrome, gedurfd)
- De stijl
- Kwaliteitsaspecten (scherpte, scherptediepte, contrast, belichting, bewerking)

C. De presentatie
- De afwerking van de print
- Het gekozen passepartout

Voor zover mijn tip over het bespreken van foto's. Probeer bij je volgende bespreking deze criteria eens uit en kijk of ze je helpen bij een objectieve bespreking.

Tot de volgende keer.

donderdag 28 april 2011

Workshop Voedselfotografie

Op het gebied van fotografie ben ik een echte autodidact. Door vallen en opstaan, veel lezen, weer vallen en weer opstaan en nog meer lezen heb ik mij het fotograferen eigen gemaakt. Het is een lange weg en een vaak moeizame weg om het doel te bereiken, maar uiteindelijk vergaar je door deze werkwijze een grote rugzak vol met informatie en kennis.

Om anderen deze lange weg te besparen en omdat ik het leuk vind om te doen geef ik workshops met als doel mijn kennis te delen. Op dit moment is mijn workshop Strobist fotografie erg populair. Bij deze workshop heb ik ook een e-book geschreven "Flitsen of Strobisten". Een e-book boordevol informatie over flitsen in zowel TTL-mode als volledig handmatig (the strobist way). Daarnaast bevat dit e-book de basis theorie over klassieke belichtingsstijlen en poses bij portretfotografie.

Momenteel ben ik hard aan het werken aan mijn volgende e-book met daarbij horende workshop. Dit e-book en de workshop hebben als onderwerp "basiskennis studiotechniek bij portretfotografie".

Dat gezegd hebbende kom ik bij mijn onderwerp van deze blog namelijk een workshop Voedselfotografie. Aangezien ik mij verder wil specialiseren in het fotograferen van voedsel en ik een aantal keren vallen en opstaan wilde overslaan ben ik op zoek gegaan naar een workshop Voedselfotografie. Deze vond ik bij "De School voor Fotografie" in Breda. Op hun website tref je een heuse "Masterclass Foodfotografie" aan voor de prijs van € 125,00. Als autodidact heb ik dus de stoute schoenen aangetrokken en mij ingeschreven voor deze masterclass. Afgelopen donderdag 21/4 dus vroeg vertrokken richting Breda voorzien van camera's, statieven, volle accu's, lege geheugenkaarten en een grote dosis enthousiasme.

Helaas werd met name dit laatste al snel de grond ingeboord. De meeste andere deelnemers aan deze masterclass hadden helaas het niveau van een beginnende amateur met nog moeite met begrippen als: diafragma, scherptediepte, studioflitsers, raw of Jpeg et cetera et cetera. Maar goed daar valt mee te leven dus ik had nog steeds hoop.

De docent begon met een filmpje van YouTube van een Amerikaanse voedselfotograaf. Op zich niet wereldschokkend, heb je uiteraard geen Masterclass voor nodig maar ok, het was de intro. Vervolgens werd er een aantal foto's getoond op het gebied van voedselfotografie. Mooie foto's en lelijke foto's (als voorbeeld hoe het niet moet). Op de vraag of de docent deze foto's in opdracht had gemaakt, kwam tot mijn stomme verbazing het antwoord "nee, die heb ik van Internet geplukt want ik doe zelf weinig aan voedselfotografie".
Je zult begrijpen dat mij de moed in de schoenen zonk.

In ongeveer 20 zinnen werd de complete theorie over voedselfotografie voor wat betreft belichting, compositie en styling behandeld. Hierna werd door de docent een compositie gemaakt van een koffiekopje op een houten kist met tegenlicht (zowel natuurlijk licht als middels de instellampen van studioflitsers). Het grootste deel van deze praktijk introductie werd echter besteed aan Phase One een softwarepakket voor het werken met bestanden en tethered fotograferen. Daarnaast heeft voor mij het fotograferen van een leeg koffiekopje geen enkele relatie met voedselfotografie, maar productfotografie. Zou er nu nog een lekkere kop dampende koffie met slagroom en een koekje of gebak hebben gestaan had ik nog vrolijk kunnen worden maar helaas. Zelfs op mijn poging iets te bewegen door te vragen hoe je nu dit kopje kunt fotograferen zoals hierboven omschreven, kwam het ontmoedigende antwoord niet verder dan "gewoon, dan doe je er toch koffie in". Tja, als het zo eenvoudig zou zijn had ik inderdaad geen Masterclass hoeven te zoeken op Internet.

Na de lunch mochten we zelf aan de slag met een hoeveelheid voedsel (wat overigens ruim aanwezig en goed verzorgd was) om een setting te bouwen en te stylen. Dit is uiteraard erg lastig als je gedurende de "workshop" nog niets hebt geleerd hoe je dit moet doen. Dus doe je het zoals je het altijd al deed. Echter daar is geen Masterclass voor nodig.

Goed na een tijdje fotograferen door de cursisten was het moment gekomen waarop de workshop teneinde liep. Ik dacht nu gaat het gebeuren. We gaan gezamenlijk de gemaakte foto's bekijken en bespreken teneinde nog iets te kunnen leren op het gebied van voedselfotografie (al is het maar van elkaars fouten en goede dingen). Echter helaas je begrijpt het al. Ook deze kans liet de docent (en daarbij De School voor Fotografie) probleemloos liggen. In plaats daarvan werd er een beginnerscursus gegeven over de benodigde grootte van een bestand voor een afdruk en het vrijstaand maken van een onderwerp in een opname.

Kortom een workshop (Masterclass zou een belediging zijn voor de term) die zeer zeker niet de moeite waard is. De workshop voldoet op geen enkele wijze aan hetgeen gesteld wordt op de website met betrekking tot de inhoud. Misschien zou een titel als "workshop table-top voor beginners" beter de lading dekken.

De moraal van dit verhaal.
Ik ben maar weer begonnen met het lezen van boeken over voedselfotografie en styling en ik ga maar weer vallen en opstaan.

Groetjes, tot de volgende keer.