Wanneer we onze camera richten op ons onderwerp en de ontspanknop half indrukken begint de ingebouwde techniek voor ons te werken. Wanneer we werken met autofocus gaat de scherpstelling aan de slag en stelt ons beeld scherp op het gekozen scherpstelpunt. De ingebouwde lichtmeter begint zijn (of is het haar?) werk te doen en geeft ons een resultaat in een diafragma en een sluitertijd.
Afhankelijk van de instelling die we hebben gekozen, spot- centrumgericht- of matrixmeting, wordt een bepaald deel van ons kader/beeld gebruikt voor het meten van het gereflecteerde licht. Na de meting kunnen we wanneer we de ontspanknop half ingedrukt houden een andere compositie in ons beeldkader maken. De gemeten waarde blijft gehandhaafd totdat we de ontspanknop loslaten of totdat we de knop helemaal indrukken en de opname maken.
We kunnen dus (en dat zullen we als fotograaf ook regelmatig doen) het gereflecteerde licht meten van ons onderwerp en daarna een andere compositie maken binnen ons beeldkader en toch een perfect belichte opname maken ook als het onderwerp hierdoor buiten het meetgebied komt van onze belichtingsmeter.
Maar hoe werkt dit nu met een flitser en TTL?
Hoe gaat dit nu in zijn werk wanneer we onze systeemflitser op de camera plaatsen en laten we zeggen een portretfoto gaan maken van tante Emma. We plaatsen tante Emma in haar woonkamer op een stoel voor de trots van haar woonkamer, de antieke notenhouten kast. Welke stappen vinden er nu allemaal plaats?
We hebben onze camera ingesteld op diafragmavoorkeuze F5.6 en onze reportageflitser op iTTL.
1- We richten onze camera op tante Emma en drukken de ontspanknop half in. De camera stelt scherp en de lichtmeter doet zijn werk en kiest een sluitertijd 1/30.
2- We houden de ontspanknop half ingedrukt en maken een nieuwe compositie met tante Emma een beetje rechts in beeld naast de prachtige met centraal op de achtergrond de prachtige kast.
3- We drukken de ontspanknop helemaal in. De flitser geeft een voorflits en het lichtmeetsysteem in de camera meet het gereflecteerde licht en bepaald in combinatie met de overige gegevens de benodigde hoeveelheid flitslicht. De sluiter gaat open, de flitser gaat af en de sluiter gaat dicht.
4- Opname gemaakt.
Het probleem dat zich nu voordoet is het feit dat het lichtmeetsysteem dat het gereflecteerde licht van de voorflits meet en analyseert, zich geheel baseert op het midden van het beeld. In ons geval dus de donkere kast i.p.v. onze tante Emma in haar zomerse jurk. Het probleem is dus dat de flitser teveel licht zal afgeven.
Hier komt FV-lock oftewel Flash Value Lock van pas. FV-lock is een onderdeel van het Nikon CLS (Creative Lighting System). De functie FV-lock kun je via een menu-keuze toewijzen aan een functieknop op je camera, lees hiervoor de handleiding van jou camera.
Wanneer je de functie FV-lock toepast, vuurt je flitser de voorflits af en berekent via het lichtmeetsysteem de gereflecteerde hoeveelheid licht. Deze waarde wordt vastgehouden totdat je de camera uitzet, de lichtmeter na een bepaalde tijd uitschakelt of totdat je wederom op de knop voor FV-lock duwt.
Hoe werkt dit in de praktijk?
Uitgaande van de zelfde situatie, richten we onze camera op tante Emma, stellen scherp en drukken op de FV-lock knop. We krijgen nu de voorflits en het resultaat wordt door het lichtmeetsysteem vastgelegd.
Vervolgens gaan we op de gewone manier verder met onze opname. We richten onze camera op tante Emma, drukken de ontspanknop half in waarbij we scherpstellen en een lichtmeting uitvoeren. Vervolgens maken we onze compositie en drukken de ontspanknop helemaal in en maken de opname.
Als resultaat hebben we nu een goed belichte opname met een flits hoeveelheid afgestemd op een goede belichting van tante Emma.
Kortom door het gebruik van de functie FV-lock kun je dus met iTTL flitsen een consistent resultaat krijgen in een serie opnames ongeacht of je in- of uitzoomt, een andere compositie maakt et cetera, zolang je maar niets verandert aan de afstand van jou (cq. de flitser) t.o.v. het onderwerp.
Belangrijk om te weten is dat de gemeten waarde door de functie FV-lock gestopt wordt wanneer de ingebouwde lichtmeter in standby gaat. De tijdsduur voor de standby stand kun je in het menu instellen. Wanneer je dus van de FV-Lock gebruikt maakt, bijvoorbeeld bij een portret serie of een serie opnames van een groep mensen is het verstandig om de tijdsduur voor het inschakelen van de standby stand iets langer te zetten (vergeet deze echter niet terug te zetten naar een kortere tijd, dat spaart de accu).
Dat was de tip voor deze keer over de FV-lock functie van het Nikon CLS systeem.
Ik hoop dat je het interessant vond en misschien tot de volgende keer.
Groetjes,
Peter
Welkom op mijn weblog over fotografie. Op dit blog wil ik mijn ervaringen en opgedane kennis als beroepsfotograaf delen met anderen. Met regelmaat zal ik hier artikelen plaatsen over verschillende onderwerpen binnen de digitale fotografie. Veel leesplezier en kom regelmatig nog eens terug of nog beter, wordt een vaste volger van mijn blog.
Posts tonen met het label TTL. Alle posts tonen
Posts tonen met het label TTL. Alle posts tonen
zondag 24 juli 2011
woensdag 13 juli 2011
TTL flitsen - Welke stappen worden er allemaal genomen?
TTL staat voor "Through The Lens" of in goed Nederlands DDL "Door De Lens". De term heeft betrekking op de lichtmeting bij flitsfotografie en wil zeggen dat de hoeveelheid flitslicht wordt gemeten door de lens van de spiegelreflex. Bij Nikon is het iTTL bij Canon eTTL.
Binnen dit artikel ga ik uit van de werking van iTTL bij Nikon.
Van belang om te weten bij iTTL van Nikon is dat het lichtmeetsysteem van de flitser volledig is losgekoppeld van het lichtmeetsysteem van je camera. Hoewel ze beiden de zelfde sensor in de camera gebruiken, werken beide systemen geheel onafhankelijk van elkaar. Bij het iTTL-BL meetsysteem van Nikon zijn beide meetsystemen wel actief gekoppeld, in dit artikel wil ik mij echter beperken tot iTTL.
Wat gebeurt er nu allemaal wanneer je een flitsopname maakt met je flitser in iTTL mode?
Laten we uitgaan van de situatie dat we binnen fotograferen, we hebben een ISO-waarde 400 ingesteld en het diafragma staat op F5.6 en de camera staat op diafragma voorkeuze (A).
Flitser op de camera:
1) De flitser geeft een preflash
2) Het flits lichtmeetsysteem meet het gereflecteerde licht in het midden van het beeld en berekent op basis van de gegevens het output vermogen voor de hoofdflits
3) Het berekende vermogen wordt nu nog eventueel gecorrigeerd met ingevoerde correctie voor het flitsvermogen (FEC), hetzij op de flitser zelf hetzij op de camera. Bij de correctie wordt meegenomen de EC (Exposure Correction) correctie op de camera, de FEC (Flash Exposure Correction) op de camera en FEC op de flitser zelf.
4) De sluiter opent, de flitser vuurt het berekende vermogen en de sluiter sluit.
De opname is gemaakt!
Naast het plaatsen van de flitser op de camera in de zogenaamde "hotshoe", kunnen we onze Nikon flitser ook los van de camera aansturen. De iTTL informatie wordt hierbij onderling gecommuniceerd via infrarood. Binnen Nikon maken we dan gebruik van het zogenaamde CLS systeem. CLS staat voor "Creative Lighting System". Je zult begrijpen dat er binnen deze wijze van communiceren een hoop extra moet gebeuren.
Binnen dit systeem heb je een commander en remote flitsers. De "commander" kan de opklapflitser zijn van je camera, maar ook bijvoorbeeld een SB-900 of een speciale infrarood commander unit van Nikon de SU-800.
De stappen bij draadloos remote flitsen via infrarood.
1) De commander vuurt een preflash af met de opdracht voor iedere remote flitser om een preflash te geven.
2) Iedere remote groep zal om de beurt een preflash afvuren. Wanneer in een groep meerdere flitsers zitten zullen deze gelijktijdig de preflash afvuren.
3) Het iTTL meetsysteem verwerkt nu de informatie van iedere groep over het gereflecteerde licht individueel en stuurt meteen naar de groep de instelling voor het vermogen. Dit is direct ook een zwak punt binnen het systeem. Er wordt namelijk geen rekening gehouden met het licht van een eventuele andere groep flitsers waarvan het licht mogelijk op dezelfde plaats binnen het onderwerp terechtkomt. Standaard wordt er door het systeem per groep wel een onderbelichting toegepast. Dit is waarschijnlijk om dit probleem te omzeilen. Ook de commander unit krijgt instellingen voor het toe te passen flitsvermogen ingeval deze uiteraard een flitser heeft.
4) De sluiter gaat open
5) De commander stuurt weer een signaal uit voor alle groepen/flitsers om te flitsen op het ingestelde vermogen. De flitsers gaan af en de sluiter gaat dicht.
Opname gemaakt.
Je zult begrijpen dat hoe meer groepen je hebt en/of hoe meer flitsers je remote gaat aansturen hoe meer tijd de preflash sequentie en de communicatie in beslag gaat nemen. Je zult hier dus rekening mee moeten houden bij het fotograferen op deze wijze van snel bewegende onderwerpen zoals sport.
Goed dit was een klein stukje over de opbouw van iTTL communicatie bij Nikon flitsers.
Bedankt voor het lezen en tot de volgende keer.
Binnen dit artikel ga ik uit van de werking van iTTL bij Nikon.
Van belang om te weten bij iTTL van Nikon is dat het lichtmeetsysteem van de flitser volledig is losgekoppeld van het lichtmeetsysteem van je camera. Hoewel ze beiden de zelfde sensor in de camera gebruiken, werken beide systemen geheel onafhankelijk van elkaar. Bij het iTTL-BL meetsysteem van Nikon zijn beide meetsystemen wel actief gekoppeld, in dit artikel wil ik mij echter beperken tot iTTL.
Wat gebeurt er nu allemaal wanneer je een flitsopname maakt met je flitser in iTTL mode?
Laten we uitgaan van de situatie dat we binnen fotograferen, we hebben een ISO-waarde 400 ingesteld en het diafragma staat op F5.6 en de camera staat op diafragma voorkeuze (A).
Flitser op de camera:
1) De flitser geeft een preflash
2) Het flits lichtmeetsysteem meet het gereflecteerde licht in het midden van het beeld en berekent op basis van de gegevens het output vermogen voor de hoofdflits
3) Het berekende vermogen wordt nu nog eventueel gecorrigeerd met ingevoerde correctie voor het flitsvermogen (FEC), hetzij op de flitser zelf hetzij op de camera. Bij de correctie wordt meegenomen de EC (Exposure Correction) correctie op de camera, de FEC (Flash Exposure Correction) op de camera en FEC op de flitser zelf.
4) De sluiter opent, de flitser vuurt het berekende vermogen en de sluiter sluit.
De opname is gemaakt!
Naast het plaatsen van de flitser op de camera in de zogenaamde "hotshoe", kunnen we onze Nikon flitser ook los van de camera aansturen. De iTTL informatie wordt hierbij onderling gecommuniceerd via infrarood. Binnen Nikon maken we dan gebruik van het zogenaamde CLS systeem. CLS staat voor "Creative Lighting System". Je zult begrijpen dat er binnen deze wijze van communiceren een hoop extra moet gebeuren.
Binnen dit systeem heb je een commander en remote flitsers. De "commander" kan de opklapflitser zijn van je camera, maar ook bijvoorbeeld een SB-900 of een speciale infrarood commander unit van Nikon de SU-800.
De stappen bij draadloos remote flitsen via infrarood.
1) De commander vuurt een preflash af met de opdracht voor iedere remote flitser om een preflash te geven.
2) Iedere remote groep zal om de beurt een preflash afvuren. Wanneer in een groep meerdere flitsers zitten zullen deze gelijktijdig de preflash afvuren.
3) Het iTTL meetsysteem verwerkt nu de informatie van iedere groep over het gereflecteerde licht individueel en stuurt meteen naar de groep de instelling voor het vermogen. Dit is direct ook een zwak punt binnen het systeem. Er wordt namelijk geen rekening gehouden met het licht van een eventuele andere groep flitsers waarvan het licht mogelijk op dezelfde plaats binnen het onderwerp terechtkomt. Standaard wordt er door het systeem per groep wel een onderbelichting toegepast. Dit is waarschijnlijk om dit probleem te omzeilen. Ook de commander unit krijgt instellingen voor het toe te passen flitsvermogen ingeval deze uiteraard een flitser heeft.
4) De sluiter gaat open
5) De commander stuurt weer een signaal uit voor alle groepen/flitsers om te flitsen op het ingestelde vermogen. De flitsers gaan af en de sluiter gaat dicht.
Opname gemaakt.
Je zult begrijpen dat hoe meer groepen je hebt en/of hoe meer flitsers je remote gaat aansturen hoe meer tijd de preflash sequentie en de communicatie in beslag gaat nemen. Je zult hier dus rekening mee moeten houden bij het fotograferen op deze wijze van snel bewegende onderwerpen zoals sport.
Goed dit was een klein stukje over de opbouw van iTTL communicatie bij Nikon flitsers.
Bedankt voor het lezen en tot de volgende keer.
donderdag 10 februari 2011
Workshop Strobistfotografie
Op 26 februari geef ik weer een workshop Strobistfotografie bij Q-Flash in Sittard. Tijdens de workshop genaamd " Flitsen of Strobisten" leer je alles op het gebied van materialen voor de strobist, de theorie over licht en lichtmeten komt uitgebreid aan bod, maar ook de basis van portretfotografie en de opstelling van de flitsers passeren de revu.
Naast de nodige theorie is er gedurende de 6 uur durende workshop voldoende ruimte om het geleerde in de praktijk te brengen met het aanwezige model.
Wil je meer halen uit je reportageflitsers, wil je meer weten over TTL en handmatig flitsen en wil je je creativiteit een turboboost geven, schrijf je dan nu in voor deze workshop. Er zijn nog een paar plaatsen vrij.
De prijs van deze workshop is € 75,00. Dit is inclusief het bij de workshop horende handboek "Flitsen of Strobisten", broodjes, koffie en thee.
Om je in te schrijven ga naar: www.qflash.nl of www.ps-photo.nl
Naast de nodige theorie is er gedurende de 6 uur durende workshop voldoende ruimte om het geleerde in de praktijk te brengen met het aanwezige model.
Wil je meer halen uit je reportageflitsers, wil je meer weten over TTL en handmatig flitsen en wil je je creativiteit een turboboost geven, schrijf je dan nu in voor deze workshop. Er zijn nog een paar plaatsen vrij.
De prijs van deze workshop is € 75,00. Dit is inclusief het bij de workshop horende handboek "Flitsen of Strobisten", broodjes, koffie en thee.
Om je in te schrijven ga naar: www.qflash.nl of www.ps-photo.nl
zondag 23 januari 2011
Invulflits
Fotograferen tijdens een bewolkte dag is veel gemakkelijker dan tijdens een zonovergoten dag in het park.
Het wolkendek zorgt voor een heel groot diffusiescherm waardoor de lichtstralen van de zon alle kanten op gestuurd worden.
Voor het menselijk oog lijkt het als of er totaal geen schaduwen bestaan. Je zult echter met een paar testshots tot de conclusie komen dat er wel degelijk schaduwen zijn. Fotografeer je bijvorbeeld onder de bewolkte hemel je model of het bruidspaar met getuigen, zul je zien dat er schaduwen ontstaan in het gezicht en onder de ogen. De kwaliteit en de richting van de schaduwen is uiteraard afhankelijk van de richting van je onderwerp met betrekking tot de zon. Het zal uiteraard best moeilijk zijn om de hoek te vinden maar je kunt er op rekenen dat de richting van het licht invloed zal hebben op je opnamen.
Uiteraard zullen de schaduwen minder en zachter zijn dan bij zonlicht, maar ze zijn er wel.
De bewolke dag kan je op het verkeerde been zetten en je de indruk geven dat je geen invulflits nodig hebt. Misschien is dat waar bij sommige romantische portretjes, maar bij de meeste opnamen zul je merken dat de juiste dosis invulflits de kwaliteit van je opname aanmerkelijk zal verbeteren. De ogen onder de wenkbrauwen worden lichter en de kleuren verbeteren.
De kunst is natuurlijk om de dosis flitslicht zo te doseren dat het niet zichtbaar is voor het ongetrainde oog.
Als uitgangspunt voor een goed gedoseerde invulflits kun je voor een gemiddelde bewolkte dag een flits compensatie aanhouden van -1,5 stop. Voor een zwaar bewolkte dag gebruik je een compensatie van -2 stops. Fotografeer je op een zonnige dag neem je als uitgangspunt een compensatie van 0 stop.
Uiteraard zijn dit startpunten controleer je scherm en pas indien nodig de compensatie aan.
OK, dat was de tip weer voor deze keer, see you next time
Peter Schijven.
Het wolkendek zorgt voor een heel groot diffusiescherm waardoor de lichtstralen van de zon alle kanten op gestuurd worden.
Voor het menselijk oog lijkt het als of er totaal geen schaduwen bestaan. Je zult echter met een paar testshots tot de conclusie komen dat er wel degelijk schaduwen zijn. Fotografeer je bijvorbeeld onder de bewolkte hemel je model of het bruidspaar met getuigen, zul je zien dat er schaduwen ontstaan in het gezicht en onder de ogen. De kwaliteit en de richting van de schaduwen is uiteraard afhankelijk van de richting van je onderwerp met betrekking tot de zon. Het zal uiteraard best moeilijk zijn om de hoek te vinden maar je kunt er op rekenen dat de richting van het licht invloed zal hebben op je opnamen.
Uiteraard zullen de schaduwen minder en zachter zijn dan bij zonlicht, maar ze zijn er wel.
De bewolke dag kan je op het verkeerde been zetten en je de indruk geven dat je geen invulflits nodig hebt. Misschien is dat waar bij sommige romantische portretjes, maar bij de meeste opnamen zul je merken dat de juiste dosis invulflits de kwaliteit van je opname aanmerkelijk zal verbeteren. De ogen onder de wenkbrauwen worden lichter en de kleuren verbeteren.
De kunst is natuurlijk om de dosis flitslicht zo te doseren dat het niet zichtbaar is voor het ongetrainde oog.
Als uitgangspunt voor een goed gedoseerde invulflits kun je voor een gemiddelde bewolkte dag een flits compensatie aanhouden van -1,5 stop. Voor een zwaar bewolkte dag gebruik je een compensatie van -2 stops. Fotografeer je op een zonnige dag neem je als uitgangspunt een compensatie van 0 stop.
Uiteraard zijn dit startpunten controleer je scherm en pas indien nodig de compensatie aan.
OK, dat was de tip weer voor deze keer, see you next time
Peter Schijven.
Abonneren op:
Posts (Atom)